|
De Green Turtle of Turtuga Blanku
Chelonia mydas
De Green Turtle is een van de weinige grote marine herbivoren. De maag en darmen
van dit dier bevatten eencellige organismen die cellulose kunnen afbreken. De
Green Turtle is een herbivoor die voornamelijk zeegras eet dat op zandige
vlaktes groeit. In dit soort gebieden vindt men grazende Green Turtles zoals
bijv. bij Lac op Bonaire. Dit zeegras, dat uit afgeplatte repen bestaat, heet in
het Engels dan ook "Turtle grass" (Thalassia testudinum). De Green Turtle heeft
de gewoonte om steeds op bepaalde plekken van het zeegras te grazen; wanneer het
afgegrazen gras weer opschiet zijn de opkomende scheu- ten malser met minder
dikke celwanden. Na verloop van tijd zoekt het dier een nieuwe graasplek op.
Daarnaast eet de Green Turtle nog vele andere soorten algen.
De voornaamste broedplaatsen van deze soort in het Caraibisch gebied zijn
Tortuguero in Costa Rica en Isla de Aves (Venezuela), niet te verwarren met de
Islas Aves, Venezuela. Daarnaast zijn er nog vele kleinere broedplaatsen. Deze
soort heeft een duidelijke voorkeur voor grote, open zandstranden. De Green
Turtle nest op de Nederlandse Antillen waarschijnlijk alleen incidenteel bij het
Lac op Bonaire en de Concordiabaai op St. Eustatius, maar andere nestplaatsen
zijn echter niet uitgesloten.
In het Papiamentu heet deze schildpadsoort "Turtuga Blanku", wat op de witte
kleur van het vlees slaat. De Green Turtle heeft de beste kwaliteit vlees van
alle zeeschildpadden en is daardoor een zeer geliefd produkt. Het bruikbare
vlees kan 25-40% van het totale lichaamsgewicht uitmaken. De Engelse naam Green
Turtle is afkomstig van het vet dat een groene kleur heeft. Onder het schild en
in de flippers bevindt zich een laag groenig, gelatineus vet dat gebruikt wordt
om er soep van te maken. Dit vet noemt men calipash. Het vet aan de buikzijde is
gelig en wordt calipee genoemd; ook dit vet wordt gebruikt om er soep mee te
maken zij het van iets mindere kwaliteit. Tot in de jaren 60 bestond er in Noord-
Amerika en Europa een grote markt voor deze producten die veelal tot soep in
blik werden verwerkt. Thans zijn deze producten in de meeste landen verboden
(per 31 Dec 1992 in 118 landen) en vallen zij onder de zgn. CITES wetgeving (zie
verder). In het Nederlands wordt de Green Turtle Soepschildpad genoemd; een
weinig verheffende doch veelzeggende naam.
Begin 17e eeuw is er op Klein Curaçao waarschijnlijk een middelgrote
broedkolonie van de Green turtle geweest, die echter al spoedig werd uitgeroeid.
Tot voor kort werden veel Green turtles aangevoerd uit de Aves en Roques
eilanden voor verkoop op Curaçao en Bonaire. Daar de aantallen van deze dieren
schrikbarend terugliepen, heeft de Venezolaanse regering de vangsten verboden.
Aves en Roques zijn nu beschermde gebieden. Ook de import in de Nederlandse
Antillen is thans verboden. De schildpadden die nu nog uit Islas Aves en Roques
aangevoerd worden zijn dus gesmokkelde exemplaren, die hier illegaal worden
verhandeld.
< Previous | Volgende >
|
|
|