CaribSeek

CaribSeek Books
CaribSeek


 

De Schildpadden van Curaçao en Bonaire | Foto Galerij

 

Sponsors

 
Voortplanting
Er is een duidelijk voortplantingsseizoen, meestal in de maanden augustus t/m october. De mannelijke dieren lopen achter de vrouwtjes aan, halen hen in en maken kopbewegingen, waarbij de nek stijf gehouden wordt en een kwart cirkel boven de grond beschrijft. Bij de Redfooted Tortoise beschrijft de kop een complete boog van 90º, zonder onderbreking. Bij de Yellowfooted Tortoise wordt deze beweging halfweg even onderbroken. Het mannetje hapt naar het nekvel van het wijfje, totdat zij stil blijft staan en zich laat bestijgen. Bij de bestijging maakt het mannetje kloekgeluiden. De vrouwelijke dieren kunnen het sperma van het mannetje, of van meerdere mannetjes opslaan in een speciale kamer in het oviduct. Het sperma wordt gevoed via een mucus. De vrouwtjes zijn dan ook in staat om geruime tijd na de bevruchting, soms zelfs meer dan 2 jaar later, nog bevruchte eieren te produceren. Wel loopt de het bevruchtingspercentage van de eieren na verloop van tijd enigszins terug. Het leggen van eieren is vooral afhankelijk van de grootte van het moederdier en niet zozeer van de leeftijd. Een vrouwelijk dier begint eieren te leggen bij een grootte van ongeveer 25 cm. De groei bij reptielen kan sterk varieren: exemplaren die even groot zijn kunnen aanzienlijk in leeftijd verschillen. Het eerste legsel bevat doorgaans 3-5 eieren; naarmate de dieren groter en ouder worden kan dit oplopen tot rond de 15 eieren. Het vrouwtje zet zich schrap met drie poten en graaft met een van de achterpoten een cylindervormig gat. Anders dan bij b.v. vogeleieren mogen de eieren van schildpadden (en de meeste andere reptielen) na het leggen niet gedraaid worden. Als de eieren op een ongeschikte plaats gelegd worden kunnen zij direct na het leggen wel verplaatst en ook gedraaid worden. Na enige uren komt de kiemschijf bovendrijven; de eieren worden polair en indien men deze dan nog wil verplaatsen mag de stand van het ei niet verstoord worden. Door met een potlood voorzichtig de top te markeren en het ei steeds in dezelfde positie te houden is het toch mogelijk deze te verplaatsen.

De incubatietijd is ongeveer 7-10 maanden. De eieren komen meestal uit aan het begin van de regentijd na de eerste zware regenbui. Deze synchronisatie draagt er in de natuur zorg voor dat er jonge grassprietjes e.d. beschikbaar zullen zijn als voedsel voor de uitkomende schildpadjes en dat de diertjes een zekere dekking zullen hebben. De jonge schildpadjes hebben een kleine verhoornde punt op de neus (de zgn. caruncle). Deze fungeert als een soort blikopener; de dieren kunnen hun ei van binnenuit doorprikken en vervolgens met wrikkende bewegingen een grote opening openbreken. Binnen een paar dagen valt deze verhoornde punt af en blijft er een duidelijk wit plekje boven en tussen de neusgaten achter. Na verloop van tijd verschijnen de eerste groeiringen op het schild en vervaagt het plekje op de neus. Aan de hand van deze kenmerken kan men schatten hoe oud het schildpadje is.

< Vorige | Volgende >

 

 

 

Content © Gerard van Buurt, 1995, 2002 - Copyright © CaribSeek 2002, All Rights Reserved. Web Published:  June 12, 2002