CaribSeek | CaribSeek Books | Curaçao Books | Honderd Jaar Muziekleven op Curaçao

CaribSeek Books
CaribSeek


 
 

Sponsors


1945

Het nieuwe gebouw aan het Johan van Walbeeckplein, waarin het Departement van Onderwijs en Volksontwikkeling zou worden ondergebracht, kwam in dit jaar gereed en op 21 Februari werd het officieel overgedragen met enige feestelijkheid. De in het patio opgerichte "Orpheusschulp" werd daarbij ook ingewijd, bij welke gelegenheid het Curaçaos Philharmonisch Orkest enige nummers ten beste gaf. Jammer, dat deze schulp niet geheel voldoet. Anders is het een goede gelegenheid voor jeugd- en volksconcerten. Misschien, dat een of ander expert er verbetering voor weet.
De luitenant-ter-zee, musicus en zanger A.P. Smitt kwam thans met een muziekavond op 14 Maart op de Marine basis Parera. Hieraan werkten, behalve de organisator zelf, Mevr. Broek-de Fremery en Dr.Ch. Engels, beiden piano, de heren P. de Visser en R. Boskaljon, viool, H. Sweers, altviool mede.

Dit jaar hadden wij niet te klagen over het bezoek van buitenlandse kunstenaars. Eerst kwam het echtpaar Alexander Feinland, viool, en Elisabeth Feinland-Bos Jansen, violoncel, welke kunstenaars zich gespecialiseerd hebben in het duo-spel viool en violoncel. Voor hun eerste bezoek aan Curaçao hadden zij de medewerking ingeroepen van de amateur pianist in Suriname L.M. Meursinge. Het eerste concert vond plaats op 28 April in het Theater Brion met het Trio Sonate in D gr.t. van Leclair en het Trio No.5 in D gr.t. van Beethoven op het programma, waartussendoor Duetten van Albrechtsberger, Hoffmeister, Godron, Lapetnikoff, Schulhoff Marchand en Breval uitgevoerd werden.
Daarna volgde op 2 Mei een concert in de Stadsschouwburg, waarbij het Trio in G gr.t. van Pergolesi en het Dumky trio Op. 90 van Dvorak en voorts duetten van Stamitz, Wainright, Kodaly, Beethoven en Gliere gespeeld werden.
Om vervolgens deze serie te beeindigen met een jeugdconcert in het Theater Brion op 9 Mei, met een prog:ramma, herhaling van enkele stukken uit vorige programma's, en o.a. Pastor Fido van Vivaldi duet voor viool en cello.

Op 7 Mei daaraan voorgaande verscheen de grote Chileense pianist Claudio Arrau voor het eerst op de Curaçaose planken met het volgende programma:
Sonate in Bes gr.t. van Mozart; Wanderer Fantasie van Schubert; Fantasie F kl.t. Op. 49, Barcarolle Op. 60 en Drie Etudes van Chopin; Vineta & Poema tragica van D. Santa Cruz, Poissons d'or, La Cathedrale engloutie en Danza van Debussy en tot slot Alborado del Gracioso van Ravel.
Onnodig te vermelden, dat het piano recital van Arrau een van de beste, zooniet het beste was, dat Curacrao heeft gehad.

Een sensationeel succes was het optreden op 22 Mei van dit jaar van de Noord-Amerikaanse neger bariton Todd Duncan in de Stadsschouwburg. Men had te doen met een zanger van groot formaat niet alleen, maar met een fijn artistiek gevoel. In welke taal Duncan ook zong, wist hij de juiste uitdrukking in zijn stem te leggen, die ieder van begin tot eind sterk boeide. In zijn begeleider William Allen, lichter gekleurd, had Duncan een uitstekende partner.
In een onderhoud met Duncan vertelde hij het volgende: "lk verkeerde lange tijd in tweestrijd of ik wel Duits zou zingen, omdat ik ervan overtuigd was, dat ik alleen al om de kleur van mijn huid, indien ik in Duitsland was, of doodgeschoten zou zijn of in een con- centratiekamp gemarteld zou zijn geworden. Hetzelfde lot zou mijn zoon, die thans bij de Noord-Amerikaanse marine dient, in dat geval beschoren zijn geweest. Maar de liefde in mij voor mijn zang, die tracht de Hemel te bereiken, heeft in deze strijd gewonnen".
Doordat enkele kleinzielige patriotten niettemin geschokt waren door de stukken van Duitse kunstenaars, liet Duncan op zijn tweede programma deze achterwege. Dat de schouwburg op het tweede concert bijna geheel was uitverkocht bewees wel, dat het eerste concert indruk had gemaakt op de toehoorders, zodat Duncan's roem als een lopend vuurtje door de stad ging.

Na het optreden van Todd Duncan kregen wij Bruna Castagna, contralto van de Metropolitan Opera van New-York te horen. Op 12 Juli gaf zij, aan de vleugel begeleid door Alberto Baccaloni een recital in de Stadsschouwburg. Het programma begon met "In questa tomba oscura" van Beethoven, "Se tu m'ami" van Pergolesi en "Voi lo sapete" van Torelli. Daarna bewoog Bruna Castagna zich op haar heel eigen terrein met een serie aria's uit Carmen van Bizet en "Mon coeur s'ouvre a ta voix" uit Samson et Dalila van Saint Saens, op meesterlijke wijze vertolkt. Na de pauze zong zij de gavotte uit Mognon van Thomas en de verrukkelijke aria "Ouvre leg yeux bIens" van Massenet, gevolgd door drie Engelse liederen en Goethe's "Nur wer die Sehnsucht kennt" in de toonzetting van Tschaikowsky. Het was een avond van verrukkelijk bel canto.

Het leek of de Kunstkring dit jaar speciaal bestemd had voor de zang. Want hadden wij eerst het bezoek van Todd Duncan, gevolgd door dat van Bruna Castagnam daarna kwam de Amerikaanse tenor van de Metropolitan Opera van New- York Emery Darcy, de Wagner zanger, ons met zijn zang vergasten.
Deze zanger, begeleid door de pianist Alberto Sciaretti, gaf op 12 September in de Stadsschouwburg een recital. Darcy had een moeilijke taak te vervullen, omdat na het zo succesvol optreden van Todd Duncan, een vergelijking tussen beide artisten moeilijk achterwege kon blijven. En Darcy kon deze vergelijking niet doorstaan. Voor een bekend Wagner zanger vielen juist de twee nummers " Wintersturme" uit "Die Walkure" en "Am stillen Herd" uit "Die Meistersinger" tegen, ook reeds omdat het grote orkest in de orkestbak gemist werd en hij met deze nummers met begeleiding van piano, het publeik niet kon pakken.
In zoverre is het vreemd, dat hij hier niet zoveel succes heeft gehad, daar hij zich jarenlang nog heeft kunnen handhaven als Wagner-zanger in de Metropolitan.

Op 13 November traden de gebroeders Jan en Mischel Cherniavsky (piano en violoncel) in de Stadsschouwburg op, waarbij de pianist Bach en Chopin vertolkte en de cellist een sonate van Brahms, sonate van Valentini en enige kleinere cello-nummers ten gehore bracht. Dit was
een kunstenaarspaar, dat, om de woorden van 'Teun Don over te nemen, als het ware de stille kaarsvlam van het musiceren in andere tijden, in andere beschavingen, voor de stormen van het nerveuse heden met zorgzame hand hebben beschut en brandend hebben weten te houden. Een muzikantenpaar, dat individueel en in samenspel een traditie heeft weten over te leveren, en dat als zodanig een missie vervult, vrijwel uniek in het musiceren van onze dagen.
Na het schitterend spel van deze beide kunstenaars had een kleine plechtigheid op het toneel plaats, waarbij de Kunstkring afscheid nam van zijn vertrekkende voorzitter, de heer Mr.C.F. Gronemeijer.

De rij der buitenlandse kunstenaars werd afgesloten met een recital van de Poolse violist Henryk Szeryng, die aan de vleugel begeleid werd door Teun Don. Het programma, dat ten gehore werd gebracht, bestond uit: "Concert in G gr.t. van Mozart; Partita in E gr.t. van Bach; Concert in D kl.t. van Wieniawsky; Introduction et Rondo capriccioso van Saint Saens, La fille aux cheveux de lin van Debussy en Zapateada van Sarasate.
Een waardig slot van een serie mooie concerten van buitenlandse kunstenaars.

Na de geslaagde opvoering in November v.j. door de M(ilitaire) C(abaret) C(lub) van de revue "Dat doet de deur dicht" werd op 20 en 21 Juni van dit jaar wederom een uitvoering gegeven, waarvan de netto opbrengst bestemd was voor het Curaçaos Nationaal Steuncomite.
Het orkest, dat onder leiding van A. Dimmendaal stond, speelde: Thunder and Blazes, marsch van Julius Fucik, Lustspiel ouverture van Keler Bela; Suite Oriental van Frances Popy, Le Califf de Bagdad, ouverture van Boieldieu, Leichte Cavallerie ouverture van Suppe, In Holland suite van Chr. Kries en Geschichte aus dem Wiener Wald, wals van Strauss, terwijl het mannenkoor onder leiding van C. Sengers de volgende liederen ten gehore bracht: Ecce quomodo meritur van Handel, Grietje van den Mulder van Wettig-Weissenborn, Wat ik heb, van A. Zander en Domine Salvam lac Reginam nostram (voor koor en orkest).
Een poging om het orkest, dat voor een groot deel uit leden van het Curaçaos Philharmonisch Orkest bestond, permanent in stand te houden ten behoeve van de M.C.C. mislukte, mede omdat Gouverneur Kasteel, wiens medewerking men ingeroepen had, zulks pertinent weigerde, omdat hij het tegenover mij en mijn orkest niet behoorlijk noch in het belang van Curaçao achtte.

Het Comite voor Jeugdconcerten organiseerde op 7 Juli een jeugdconcert, waarbij de jeugd zelf als uitvoerders optrad. Achtereenvolgens traden op: een meisjeskoor onder leiding van R. Gehrels met enige drie- en vierstemmige canons; Theo Haayen, viool met Mimi de Mik aan de piano; Harold Martina, piano, Annemarie Bakker, piano, Een trio, bestaande uit Wim Statius Muller, piano, Charlie Sweers, viool, en Hannie Sweers, cello; Marlien Colijn, piano, Charles Henriquez, fluit, Greet Vermeulen, fluit, Clara Henriquez, zang, en Stanley Martina, piano.

Alvorens het jaar af te sluiten worde alsnog vermeld een concert, dat het Curaçaos Philharmonisch Orkest op 2 Augustus in de Stadsschouwburg gaf ten bate van het Nationaal Steun Comite, en waaraan Mevr. Van Koten, sopraan, R. Kruizinga, tenor en C. Sengers, bariton, alsmede een meisjeskoor van het St. Martinusgesticht, het jongenskoor De Zingende
Jeugd, het koor van de Eerwaarde Fraters en het koor van de R.K.kerk Groot Kwartier medewerkten. Op het programma stonden: Ouverture Athalia van Mendelssohn; Eerste symphonie van Beethoven en Gedeelten uit het oratorium "Die Schopfung" van Haydn.
De Franse amateur cellist Gaston Valentiny, die toen nog op St. Martin woonde, kwam over om de groep cellisten in het orkest te versterken.
De pers schreef vol lof over deze uitvoering. De grootste lof werd toegezwaaid aan het koor, vooral aan het jongens- en meisjeskoor. "Het was een genot te horen -en te zien -hoe zeker deze kinderen, allen, hun inzetten maakten; hoe vaak hebben we van grote koren in Holland niet gehoord, dat de grote Fuga "Grijpt thans Uw harpen" in elkaar zakte, en ziedaar, de Curaçaose jeugd kan het. Dat komt omdat de fraters het kunnen. Dit komt doordat zij diep van het besef doordrongen zijn, dat op school nog wat anders dan leerplanstof moet worden geleerd".
Gebruik makend van de gelegenheid, dat Gaston Valentiny op Curaçao was, heeft Teun Don op 7 Augustus zijn eerste conservatorium-concert georganiseerd, waarbij een geheel Frans programma ten gehore gebracht werd:
Deuxieme suite pour violoncelle et piano van Caix d 'Hervelais; Children's Comer van Debussy, piano solo; Apres un reve van Faure, cello en piano; Chante russe van Lalo, cello en piano; Pavane pour une infante defunte van Ravel, piano solo; Jeux d'eau van Ravel, piano; Allegro appassionato (cello en piano) van Saint Saens.
Zowel bij dit concert als bij het concert van het Curaçaos Philharmonisch Orkest bleek overduidelijk, dat de tegenwoordigheid van de cellist Valentiny voor Curaçao een aanwinst betekenen zou.

Onder auspicien van het Comite voor Jeugdconcerten gaf Teun Don op 28 September een jeugdconcert in het Theater Brion, dat zeer druk bezocht werd en een groot succes had.

De daarop volgende dag, 29 September werd in het Curaçaos Conservatorium door piano- en zangleerlingen van Teun Don een concert gegeven.

Op 22 December organiseerde Teun Don een Kerstconcert in het Theater Brion ten bate van het fonds voor minder vermogende leerlingen van het conservatorium. Het eerste gedeelte van het programma werd ingenomen door leerlingen van het conservatorium en het tweede gedeelte werd bestemd voor een piano-recital van de leraar. Uitgevoerd werden: Door Stanley Martina: Inventionen F majeur van Bach; door Harold Martina: Thema en variaties in G majeur van Beethoven; door Nora Visser: Pieta Signor (kerk-aria) van Stradella; door Stanley Martina: Impromptu Es majeur van Schubert, Nocturne B majeur van Chopin en Prelude Cis majeur van Rachmininoff; door Nelly Jongepier: Impromptu As majeur van Schubert, Fantaisie-Impromptu Cis mineur en Polonaise Cis mineur van Chopin; door Nora Visser: Un bel di vedremo uit Madama Butterfly van Puccini.
In het tweede gedeelte speelde Teun Don de Franse Suite in G majeur van Bach, Le Coucou van Debussy en Pavane pour une infante defunte van Ravel.
Hiermede werd het jaar 1945 besloten.
Komen wij thans aan het jaar 1946.

<1944 | 1946>
 

 

 

Content © R. Boskaljon 1958 - Copyright © CaribSeek 2003 - All Rights Reserved - Web Published: October 20, 2003