CaribSeek | CaribSeek Books | Curacao Books | Curacao | Muziek en Musici van de Nederlandse Antillen


 

  Muziek en Musici van de Nederlandse Antillen | Foto Galerij

Advertisement


De diverse invloeden

Er bestaat een duidelijk verband tussen de muziek, de dans en de muziekintrumenten van West Afrika en die van de landen en eilanden rond en in het Caraïbisch gebied. Dit is een gevolg van het feit dat onze muziek, one dansen en onze muziekinstrumenten voor een belangrijk deel rechtstreeks uit Afrika afkomstig zijn.
De reeds gesignaleerde zeer geringe invloed van de Indianen op de Antillen kan gevoeglijk buiten beschouwing worden gelaten.
De geschiedenis vermeldt dat meer dan 250 verschillende volksstammen uit Afrika gedurende ruim drie eeuwen een Afrikaanse cultuur op het Continent van Amerika en de eilanden in de Caraïbische Zee hebben geplant. Op Curaçao arriveerden slaven van praktisch de hele Westkust van Afrika, onder wie zich leden bevonden avn stammen uit guinea, Kongo, Angola, Liberia, Sierra Leone, Togo, Dahomey, enzovoort.
Sommige geschiedschrijvers verdelen de cultuur van de Westkust van Afrika in drie groepen, namelijk:

  1. de Joruba-cultuur an Opper-Guinea, waaronder de volksstammen "Kanga" en "Bobo" resulteerden.

  2. de Dahomey-cultuur van een gedeelte van Zuidelijk Guinea, Togo en Dahomey, waar de volksstammen "Arara" en "Arada" uit het vroegere Koninkrijk van Arda vandaan kwamen.

  3. de Bantu-cultuur van Kongo en Angola met onder ander de stammen "Matamba" en "Jombe".

De ook op Curaçao gearriveerde leden van de stammen "Kanga" en "Bobo" van de Joruba-cultuur waren hoofdzakelijk bekend om hun religieuze praktijken, hun folklore en hun muziek en dans.
Mogelijk hebben ook zij grote invloed gehad op de Nederlandse Antilliaanse cultuur.
De invloeden van de volkstammen "Arara" en "Arada" van de Dahomeyse cultuur traden vooral op de voorgrond in Haïti en op Curaçao, met name bij onze "tumba". Op Haïti hebben zij de" vudu" geïntroduceerd en op Cuba waren zij populair door hun virtuositeit op de trom, die zij "tumba" noemden.
De leden van de stammen "Jombe" en "Kanga" van de Bantu-cultuur waren goede huisslaven. Hun karakteristieke instrument en dans was de "tambú". Zij waren doorgaans vrolijk van aard en intelligent, hielden van een feestje en van de tambú. Samenvattend kunnen we stellen dat de culturele erfenis uit Afrika op de Nederlandse Antillen hoofdzakelijk terug te vinden is in:

  1. a) de "tambú" die als instrument centraal staat bij zowel rituele als andere dansen;
    b) de "tambú" als dans;
    c)de "tambú" als muziekgroep.

  2. het los van elkaar dansen bij de "tambú".

  3. de polyritmiek tussen de "tambú", de zang en de overige instrumenten.

  4. de zang, die bij de dans op satirische wijze wordt geïmproviseerd.

  5. een buitengewoon ontwikkeld muzikaal gehoor en ritmisch gevoel.

Ofschoon culturen naar elk gebiedkunnen worden overgebracht, worden ze in de meeste gevallen slechts overgenomen door volkeren die er ontvankelijk voor zijn. Door de nauwe geestelijke band die er bestond tussen het Nederlands-Antilliaanse volk en zijn Afrikaanse voorouders werden vele Afrikaanse cultuurvormen voor een groot gedeelte ongewijzigd overgenomen. Dit zien wij bijvoorbeeld bij de "tambú", waarbij in de loop der tijden slechts naam en teksten gewijzigd zijn. De overeenkomst in de kunst, de gewoonten en diverse instrumenten in het Caraïbisch gebied doen vermoeden dat de vele verschillende Afrikaanse stammen toch gemeenschappelijke culturele waarden bezaten.
Alhoewel het totaal aantal op Curaçao achtergebleven slaven geboekstaafd staat als onbekend ten opzichte van de meeste eilanden in het Caraïbisch gebied, is de invloed van deze slaven wellicht juist door hun kleine aantal en daardoor groter contact met de slaveneigenaren er niet minder om geweest.
Muziek en ritme van de West-Afrikanen zijn van andere kwaliteit dan die van de Indianen en Europeanen. Een zeer bijzondere karakteristiek is de gevarieerde gesyncopeerde ritmiek van de Afrikanen.
Het Indiaanse volk op het vasteland Gran Colombia (Colombia, Venezuela en Ecuador) bezat muziek en dansen om persoonlijke emoties, zoals vreugde, verdriet en liefde, uit te drukken.
De muziek van het schiereiland Iberië was een smeltkroes van diverse invloeden van vele volkeren, waaronder Spanjaarden, Portugezen, Grieken, Romeinen, Joden en Arabieren.
Terwijl wij niet veel weten van de eventuele invloed van de Spaanse muziek op de Indiaanse, is daarentegen die invloed op de Afrikaanse muziekvormen met hun ingewikkelde fascinerende ritmes wel duidelijk aanwijsbaar. Bijvoorbeeld via de danza en via de Spaanse cuatro en gitaarmuziek.
Andere Europese invloeden vinden we terug in:

  1. de gezelschapsdansen.

  2. de salonmuziek.

  3. de ka'i òrgel.

De muziek-culturele invloeden op de Curaçaose samenleving werkten uit drie richtingen:

  1. uit het Latijnse beschavingsgebied;

  2. uit het Hollandse en West-Europese beschavingsgebied;

  3. uit het Afrikaanse beschavingsgebied.

Eind zeventiende eeuw waren enkele muziekinstrumenten uit Europa op Curaçao gebracht. Hiermee werden ook nieuwe soorten zang geïntroduceerd. Er ontwikkelden zich langzamerhand op Curaçao specifieke muziekvormen en dansen met een "couleur locale".

De nieuwe instrumenten waren meestal bestemd voor de beter gesitueerde Joodse families. Muziek werd voor de gezelligheid en bij voorkeur door dilettanten beoefend. Het instrumentarium en het muziekleven breidden zich in de achttiende eeuw in deze groep verder uit, zodat bij het begin van de negentiende eeuw Curaçao al genoeg instrumenten bezat om een bescheiden orkest te kunnen vormen. In latere jaren kon men bij de meeste welgestelde families een of meer muziekinstrumenten aantreffen.
In de tweede helft van de achttiende eeuw bood het stadsleven op Curaçao voldoende mogelijkheden om iemand met de nodige aanleg in staat te stellen om van het geven van muziek en/of danslessen rond te komen. De dansen uit die tijd waren meestal groepsdansen, zoals de "contra-danza", de "schottisch" en later de "quadrille" (begin 19de eeuw) en waarschijnlijk ook de "lancier" en de "Virginia-reel" uit Noord-Amerika. De dansmuziek werd in die tijd in het algemeen verzorgd door violen. Begin negentiende eeuw begon vooral de blanke protestantse Curaçaoënaar zich actiever met de muziek te bemoeien. Verschillende gebeurtenissen waren indirect hiervan de oorzaak. De komst van vele prominente figuren uit omringende landen, vooral uit Venezuela, zoals Simón Bolívar en zijn vele volgelingen, generaal Francisco de Miranda (een uitstekend fluitist die een bijzondere passie voor muziek had), Felipe Larrazábal, Agustin Bethencourt en vele anderen gaf het muziekleven op Curaçao een nieuwe impuls. Door de muzikaal ontwikkelden onder deze refugié's kwamen wij in contact met muziek van Spaanse'componisten, doch ook van andere componisten van wie Haydn, Mozart, Schubert en Pleyel de bekendste zijn.
Om de voortgang van de Nederlands-Antilliaanse muziek verder te kunnen volgen moet men zich realiseren dat vooral Curaçao in de negentiende eeuw een smeltkroes was van allerlei muzikale invloeden. Naast onze lokale musici hadden wij op Curaçao voor kortere of langere tijd musici uit Venezuela, Colombia, Santo Domingo, Amerika, Spanje, Portugal, Frankrijk, Engeland, Cuba, Haïti. Om kort te gaan, mensen uit alle windstreken. Vooral de mulatten en de mestiezen hebben een groot aandeel gehad in de vorming van onze muziek. Dat de kleurling bij ons in deze een voorname rol speelde is niet uniek. Ook in de nabuurlanden hebben vooral kleurlingen grote invloed gehad op de vorming van de muziek van hun land (o.a. in Venezuela). De ontwikkeling van onze muziek vond plaats onder voortdurende stuwkracht van onze eigen componisten en de muzikale invloed van buitenlandse componisten, zodat uiteindelijk onze muziek een mengsel is geworden van Spaanse, Amerikaanse, Europese en Afrikaanse elementen met een pikant lokaal ritme, deels geïnspireerd door de begeleidende instrumenten: cuatro, gitaar, rasp en tambú. Voor de typische volksdansen werd gebruik gemaakt van instrumenten als de tambú, bastel, benta, agán, kachu, chapi, wiri, maraka en de kaha di
òrgel.

< Vorige | Volgende >
 



 

Content © E. Palm 1978 - Copyright © CaribSeek 2003 - All Rights Reserved - Web Published: November 3, 2003