CaribSeek | CaribSeek Books | Curacao Books | Curacao | Muziek en Musici van de Nederlandse Antillen


 

  Muziek en Musici van de Nederlandse Antillen | Foto Galerij

Advertisement


Onze organisten

De negentiende eeuw was de tijd van de bloei van de ernstige muziek in het algemeen en van de kerkmuziek in het bijzonder.
Reeds in 1752 had de Sint-Annakerk een orgel. Wie bij de voltooiing van de Sint- Annakerk in 1752 als organist werd aangesteld is ons niet bekend. Wel kennen wij de namen van de organisten sinds 1791, te weten:
Jan van Santen, (1791-1797)
C. W. Wagenaar, (1797 -1813)
H. Godfried Usco, (in 1813)
David Albertus Gomes Casseres, (1813 -1816), die tevens koordirigent was.
Guillaume Albertier, (1843 -1856)
"Sjon" Matheu, (in 1856)
Chris Ulder, (1856-1865)
Jan Ellis, (1865 -1897)
Rev. v.d. Donk, (1897 -1898)
Charles Ellis, (1898 -1904)
Jacob de Pool, (1904 -1914)
Jacobo Palm, (1914 -1968)
Stanley de Castro, (1968 - )
Van de Kathedraal van Pietermaai was de talentvolle Pater Jansen organist. Vermeldenswaard is dat Chris Ulder op dertienjarige leeftijd organist werd van de Sint-Annakerk. Chris is waarschijnlijk de eerste Curaçaose componist die een katholieke mis componeerde.
Wij lezen in "Honderd jaar muziekleven op Curaçao" van Rudolf Boskaljon hierover o.a.:

"Deze mis werd verscheidene malen op Curaçao gezongen, o.a. met orkestbegeleiding in de St. Annakerk te Otrabanda op 30 September 1885 op verzoek van Pastoor Blommerde ter gelegenheid van diens 25 jarig priesterfeest. De kerkbezoekers zouden toen zeer onder de indruk ervan zijn geweest. In 1886 werd zij onder leiding van Pater Helling in de kerk van Pietermaai gezongen, terwijl zij op 30 Augustus van dat jaar onder Pater J. van Wee relt in de kerk van Santa Rosa bij gelegenheid van het feest van de heilige Rosa de Lima werd uitgevoerd, waarschijnlijk voor het laatst, aangezien zij daarna jammer genoeg, vernietigd werd, omdat men haar achteraf te profaan vond.
Dat de composities van Ulder ook buiten Curaçao gewaardeerd werden blijkt uit een bericht in "El Eco de Bermudes" van Barcelona (Venezuela), waarin met grote lof over hem wordt gesproken ter gelegenheid van het ten gehore brengen van twee van zijner stukken kerkelijke muziek bij een plechtige mis in de hoofdkerk van Barcelona op een der grootste feestdagen" .

Uit vorenstaande lijst van organisten blijkt tevens dat Jacobo Palm het langst achter de orgel heeft gezeten, namelijk vier en vijftig jaren (zie foto).
In 1810 had de Sint-Annakerk reeds een meisjeskoor en in 1839 kreeg ook die van Santa Rosa er een.
Chris Alardus Ulder werd in 1873 organist van de Israëlitische Gemeente Mikvé- Israël, welke functie hij tot aan zijn dood in 1897 bekleedde. Hij werd opgevolgd door de organist A. Charlois, die op zijn beurt werd opgevolgd door Gerrie Palm, toentertijd organist van de Tempel ("De Nederlands Hervormde Israëlitische Gemeente "Emanuel") (1865 -1885).
Paul de Lima volgde Gerrie Palm op (1908 - 1926). Daarna werd het een familietraditie wat betreft de organisten van de Israëlitische Gemeente "Mikvé-Israël", aangezien van 1926 tot en met 1974 alle organisten uit de familie Palm afkomstig waren, namelijk:
RudolfTh. Palm, (1926-1928)
Albert Palm, (1928 -1932)
Edgar Palm, (1932-1974),
waarbij de periodieke onderbrekingen werden waargenomen door Toni Palm.
Op het ogenblik is Stanley de Castro organist van de "Znoa", zoals de Curaçaose sefardische Joden hun synagoge noemen.

Bij de Nederlands Hervormde Israëlitische Gemeente "Emanuel" (De Tempel) was Joseph Corsen organist van 1885 tot 1911. Na hem kwam Rudolf Th. Palm (1911- 1950) die weer door zijn zoon Albert werd opgevolgd.

Aangezien de dienst van de Gereformeerde Israëlitische Gemeente 's avonds werd gehouden, kon Edgar Palm hem toen opvolgen als organist van de Tempel terwijl hij tevens organist was van de "Mikvé- Israël", waar de dienst overdag gehouden werd.
Bij de Verenigde Protestantse Gemeente hadden wij als organisten van de oudste protestantse kerk van de Nederlandse Antillen, namelijk de Fortkerk te Willemstad: Johan Peter Eskildsen, (1854 -1889)
Gerrie Palm, (1889 - 1901) RudolfTh. Palm, (1901-1946)

Anderen die voor kortere of langere duur organist waren van de protestantse kerken van de Nederlandse Antillen zijn:
E. J. Burnet, Wim van Oudenalder, J. Schotte, H. W. de Graaf, A. J. de Wit, P. de Waard, J. van Zwieten, J. Moerenhout, B. Palthe, E. de Groot, Wim Statius Mul- ler, S. Sonema, G. Sellies, Mej. E. Sellies, Mevr. M. Schrana, W. Busby, de heren Steenwinkel, Graafhuis, Postrnus, Van Wolveren, D. Kuyper, J. Wessels, C. J. ter Haar, J. J. ter Haar, J. Koolhaas, Mej. LOliviera, de heren A. KIekkema, S. We- dema, C. Korte, R. Busser, Mevr. C. van Heerde, Mevr. B. C. Veldman, Mevr. B. C. Veldman, Mevr. J. Kroes, de heren F. Sinia, A. Breur, M. v.d. Lijn, P. Dro- gendijk, O. Schmidt en A. v.d. Mullen.

Bij de vrijmetselaars hadden, c.q. hebben wij de volgende organisten: van de loge "Acacia":
Sebastián Diaz Pefia (1922)
M. L. Maduro (1952)

van de loge "Igualdad":
jan Gerard Palm (1864-1871)
johan Hendrik Quast (1871-1875)
Herman Meyer (1875)
johan Henri Arnold Vitius van; Dijck (1899
- 1902) Rudolf Theodoor Palm (1903 - 1950)
Albert Telesforo Palm (1950 -1958)
Edgar Rudolf Roemer Palm (1968
- )

van de loge "Perseverancia No. 184":
Anton Guilhoux (1878)
johan Hendrik Quast (1897
- 1880)
john Victorian Monsanto (1894-1898) Pedro Ezequiel Peraza (1899)
johan Henri Arnold Vitius van Dijck (1900
- 1902) Pedro Ezequiel Peraza (1903)
Rudolf Theodoor Palm (1903 - 1950)
Edgar Rudolf Roemer Palm (1975
- )

Met uitzondering van de beroeps musici Wim van den OudenaIder en Wim Statius Muller, waren alle organisten van de Protestantse Gemeente na 1946 amateurs die op bijzondere wijze de Protestantse kerken van dienst zijn geweest. Bij de vrijmetselaarsloges daarentegen waren de organisten voornamelijk beroepsmusici.
Ondanks het feit dat geen van bovengenoemde organisten een speciale opleiding als zodanig had genoten, hadden de meesten een zo grote ervaring, dat zij diverse hoogstaande orgelwerken konden spelen.
Het is bijvoorbeeld bekend dat o.a.jacobo Palm, Wim Statius Muller en Wim van den Oudenalder de Toccata en fuga in d-mineur en diverse werken uit het "Wohltemportiere Klavier", beide vanjohann Sebastian Bach, benevens de orgelwerken van Cesar Franck en Rheinberger op overtuigende wijze konden vertolken.
Op de Antillen is het uitgesloten om alleen als organist financieel rond te komen, vandaar dat de meeste organisten naast dit werk andere werkzaamheden moesten verrichten.

< Vorige | Volgende >
 



 

Content © E. Palm 1978 - Copyright © CaribSeek 2003 - All Rights Reserved - Web Published: November 3, 2003