You are here

IV.3 De Verhollandsing

  • Sharebar

Een "verhollandsing" is in de eerste plaats uitgegaan van de toonaangevende groep uit de oude maatschappij, de "hogere" protestanten. Zij hebben getracht het Noord-Europese c.q. Hollandse culturele erfgoed zo zuiver mogelijk te bewaren. Pas in de confrontatie later in de 20ste eeuw met nieuwkomers uit Nederland zouden zij merken hoezeer het erfgoed dat zij zo gekoesterd hadden aan "afrikanisering" en "latinisering" onderhevig was geweest en hoe zij in feite dragers waren van een creoolse cultuur die hier was gegroeid.

Ook van de "lagere" protestanten is, zij het in mindere mate, een zekere "verhollandsing" uitgegaan. Zij waren echter nog intensiever onderhevig aan de "afrikanisering" door contacten met de vrije "lieden van de couleur" met wie zij de schaarse mogelijkheden voor ambachtslieden en ongeschoolden die op de arbeidsmarkt beschikbaar waren, moesten delen. Zij waren ook aan een zekere "latinisering" onderhevig door het frequent verkeer met Zuid-Amerika. Zij voeren dikwijls als bemanning op de schepen die de handel met de "Vaste kust" onderhielden. Het kwam hierdoor nogal eens voor dat zij trouwden met Zuid-Amerikanen. Daar deze huwelijken doorgaans gesloten werden tussen Curaçaose mannen en Zuid-Amerikaanse vrouwen zullen vele latijnse invloeden van moederszijde via de opvoeding van de kinderen hier wortel geschoten hebben.

Verder dient vermeld te worden een "verhollandsing" als resultaat van het missiewerk van de priesters en religieuzen afkomstig uit Nederland, vooral van de fraters van Tilburg en de zusters van Roosendaal in de 19de en 20ste eeuw. Ofschoon de missionerende arbeid primair tot doel had de verbreiding van het christelijke geloof, hield zij in feite ook een actieve Europese cultuurpolitiek in. Niet alleen omdat het Christendom in de concrete gedaante waarin het werd overgedragen volledig was ingebed in de Europees-Hollandse cultuur van de missionarissen, maar ook vanwege de drang tot het verrichten van "beschavingswerk" waarmee volkeren van een ander ras en een andere cultuur tegemoet werden getreden. Niewindt plaatste vanaf het begin de prediking van het katholieke geloof tegen de achtergrond van de "civilisatie" van de slaven. (Allen, 1991)

Tenslotte was er een "verhollandsing" die uitging van het onderwijs op zich; vooral in de 20ste eeuw toen een volledig op Nederlandse leest geschoeid onderwijs, eerst met de M.U.L.O. later met het middelbaar onderwijs, de H.B.S.- A en -B, en aan het eind van de jaren zestig met de Mammoet, werd ingevoerd. De overdracht van Nederlands cultuurgoed waarmee dit onderwijs gepaard is gegaan, moet niet onderschat worden.